Werkvorm spanningsmeter
24 februari 2021Leg in de zaal 4 hoepels neer. Groen, geel, oranje, rood. De cliënt krijgt in zijn arm een voorwerp van een wat zwaarder gewicht (ongeveer 2,5 kg). De cliënt moet zijn arm strekken en waarnemen in welke mate de spanning in zijn/ haar lijf toeneemt.
De cliënt begint bij de groene hoepel en stapt door wanneer de spanning oploopt. Dit mag in stilte, maar kan ook worden uitgesproken om de lichaamssignalen te benoemen, zodat de therapeut weet wat er gebeurd.
Interventies;
- hoe lang blijft cliënt bij een bepaalde kleur staan. Bijvoorbeeld rood. Wat zegt dit over de coping.
- hoe gaat iemand om met opbouwende spanning.
- kan iemand inschatten hoeveel energie de uitvoering kost.
Agenda
-
06 mrt.
Basisopleiding schematherapie voor vaktherapeuten
-
-
10 mrt.
2 daagse training: Polyvagaaltheorie en een Vaktherapeutische toepassing
-
-
12 mrt.
Studiedag voor PMT’ers die werken met mensen met (L)VB – Kom je rugzak vullen met kennis en inspiratie!
-
-
18 mrt.
Uitnodiging Algemene Ledenvergadering NVPMT
-
-
20 mrt.
Bijscholing Kennisnetwerk Nieuwkomers: De taal van herstel: van behandelkamer tot beleidskamer
-